Onderzoek re-integratiebeleid

De gemeente Deventer heeft niet inzichtelijk wat de effectiviteit is van haar re-integratiebeleid. Dat is één van de conclusies van de Rekenkamercommissie van Deventer. De commissie onderzocht de uitvoering van het re-integratiebeleid door de gemeente. Uit het onderzoek komt naar voren dat doelen en taakstellingen niet scherp zijn geformuleerd, waardoor de resultaten van re-integratie lastig te meten zijn. Ook blijkt de informatievoorziening niet op orde. De commissie concludeert dat eenduidige, verifieerbare informatie, op kwantitatieve basis over resultaten niet aanwezig is of zeer moeilijk te leveren is en de informatie die de gemeenteraad ontvangt is beperkt. Het sluit niet aan bij gestelde doelen en geeft geen inzicht in effectiviteit van ingezette instrumenten of soorten van re-integratie. Aan de andere kant constateert de Rekenkamer dat de raad zelf ook weinig stappen heeft ondernomen om zijn sturende rol vorm te geven. Een discussie over richting van beleid of inzet van middelen is er volgens de commissie nauwelijks geweest.

Re-integratiebeleid

Bij re-integratiebeleid gaat het om mensen die door omstandigheden het contact met de arbeidsmarkt zijn kwijtgeraakt of die door hun gezondheidssituatie niet vanzelfsprekend in staat zijn om te werken. Ook zijn er mensen die onvoldoende gemotiveerd zijn om te werken en daardoor in de bijstand terechtkomen. Het is de taak van de gemeente om activiteiten aan te bieden, waarmee de arbeidsmarkt dichterbij komt voor mensen in de bijstand. Het teruggeleiden naar de arbeidsmarkt doet de gemeente samen met re-integratiebureaus, die voor de gemeente contractueel activiteiten uitvoeren. 

Uit het beleid van de gemeente Deventer blijkt dat de afgelopen jaren sterk ingezet is op de re-integratie van kansrijken. Deze groep bijstandsgerechtigden zou volgens de gemeente op een snelle manier uit de bijstand kunnen stromen. Minder aandacht was er voor de arbeidstoeleiding van minder kansrijken. Uit onderzoek blijkt juist dat re-integratie van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt het meeste effect heeft.

De verschillende instrumenten van re-integratiebeleid blijken ongeveer even succesvol. Bij de werkinstrumenten gaat het om het uitstromen naar werk of niet terugkeren in de uitkering. De doelen van de activeringstrajecten zijn breder: ook ontwikkeling of doorstroom telt als resultaat. Opvallend is dat een instrument als activeringsbanen van Cambio voor een hogere uitstroom naar werk zorgt dan andere direct op werk gerichte instrumenten.  

Positief is de ontwikkeling van het bestand van uitkeringsgerechtigden de afgelopen jaren. Het bestand is in totaliteit minder hard gestegen dan in de rest van Nederland. Een hoge uitstroom naar werk (of scholing) is hiervan de oorzaak. Dit beeld is echter wel vertekend omdat een groot deel uitstroomt naar een zogenaamd ‘verloningstraject’ bij Sallcon. Cliënten krijgen een dienstverband aangeboden en zijn weliswaar uit de bijstand maar worden nog gefinancierd vanuit een budget (het werkdeel) van de gemeente. Omdat de komende jaren door het Rijk fors zal worden gekort op de budgetten ‘werkdeel’ is het de vraag of deze vorm van uitstroombeleid op langere termijn houdbaar is zonder ten koste te gaan van andere instrumenten.

Het onderzoeksrapport kunt u hieronder downloaden.

 

Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.

Spring naar einde van Bijlage-overzicht
Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.
Titel Grootte
Rapport re-integratiebeleid 3.808,2 KB
Spring naar begin van Bijlage-overzicht