Onderzoek realisatie taakstelling Woningbouw

Onderzoek Realisatie taakstelling bouw aantal goedkope woningen

De taakstelling die over de periode 2002-2010 gold voor de bouw van het aantal goedkope woningen is niet gehaald. Dit concludeert de Rekenkamercommissie. De commissie heeft onderzoek gedaan naar het realiseren van die taakstelling en naar de oorzaken van het niet realiseren daarvan.  

Uit het onderzoek komt naar voren dat er in de periode 2002-2010 minder goedkope woningen zijn gebouwd dan volgens de taakstelling zou moeten, zowel huur- als koopwoningen. Voor goedkope huurwoningen is de taakstelling in verhouding tot de totale woningproductie (die ook lager is) echter wel gerealiseerd. Heel anders is het bij de realisatie van goedkope koopwoningen. Deze is in alle jaren en voor alle prijscategorieën ver achtergebleven bij de taakstelling, ook gecorrigeerd voor de totale achterblijvende productie. Het grootste knelpunt voor de bouw van goedkope woningen zit bij de onderbouwing, zo blijkt uit het onderzoek. Uit die onderbouwing blijkt niet dat er in de markt behoefte is aan goedkope woningen. Omdat die behoefte ontbreekt, heeft de bouw van goedkope woningen bij veel partijen geen prioriteit.

De gemeente onderbouwt de taakstelling voor goedkope woningbouw dan ook niet met de behoefte uit de markt, maar met de volgende drie argumenten: de wens tot kwaliteitsverbetering van de goedkope woningvoorraad, het bestrijden van goedkoop scheefwonen en het argument dat nieuwe goedkope woningen nodig zijn om herstructurering mogelijk te maken.  

Verder laat het onderzoek zien dat niet altijd duidelijk is gedefinieerd wat een goedkope woning is en welke prijsgrens daarvoor geldt. Bij sociale koop doelt de afdeling Wonen van de gemeente op goedkope koop (waarvoor overigens verschillende bedragen circuleren) en de afdeling Vastgoed van de gemeente op goedkope en middeldure koop. Door het gebrek aan duidelijk beleid hierover ontstaat discussie en verwarring en is de taakstelling volgens sommigen wel gerealiseerd. 

In positieve zin valt op dat vanaf 2007 sturing op het woningbouwprogramma meer aandacht krijgt. Daarmee is zicht op het totale programma per prijsklasse en kan daarop gestuurd worden. De aandacht voor betaalbare woningen daarin is echter beperkt. In de gemeenteraad heeft het tekort aan betaalbare (koop)woningen de laatste jaren meer aandacht gehad. De informatie die de raad krijgt over de realisatie gaat echter alleen in op de woningbouw per project. Tot op heden heeft de raad daarom geen inzicht in het totaal van de woningen die over een bepaalde periode gebouwd worden. Doordat die informatie ontbreekt, kan de raad moeilijk sturen op de realisatie van goedkope woningbouw. De raad heeft zelf echter ook niet aangegeven dat hij behoefte heeft aan die informatie.

Meer sturing door gemeenteraad aanleiding Rekenkameronderzoek

Het woonbeleid van de gemeente Deventer omvat expliciete doelen ten aanzien van de productie van het aantal goedkope woningen. Naar de mening van de Rekenkamercommissie is het voor de gemeenteraad, zeker vanuit sociaal maatschappelijk oogpunt, van belang om te weten of de taakstelling die (jaarlijks) geldt voor het bouwen van goedkope woningen wordt gerealiseerd. Met het onderzoek wil de RKC meer duidelijkheid verschaffen over de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en sturingsmogelijkheden van de raad op dit onderwerp.

Het onderzoek is gefaseerd uitgevoerd. Eerst is onderzocht of de taakstelling is gerealiseerd. Toen dat niet het geval bleek te zijn is onderzocht wat de oorzaken daarvoor zijn.

Het onderzpoeksrapport kunt u hieronder downloaden

Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.

Spring naar einde van Bijlage-overzicht
Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.
Titel Grootte
Rapport Realisatie taakstelling woningbouw 1.598,7 KB
Spring naar begin van Bijlage-overzicht