Onderzoek Risicomanagement Grondexploitaties

De Rekenkamercommissie van de gemeente Deventer heeft onderzoek gedaan naar het risicomanagement van grondexploitaties in de gemeente. Het onderzoek is gericht op de wijze waarop de gemeente haar systeem van risicomanagement op het gebied van grondexploitatie vormgeeft en op de effectiviteit van dat systeem. De Rekenkamercommissie concludeert dat de gemeente de risico’s binnen grondexploitaties onvoldoende beheerst.

In het verleden waren grondexploitaties een betrouwbare bron van inkomsten voor de gemeente. Als risico’s zich voordeden betekende dat hooguit dat er iets minder winst overbleef. De laatste jaren is dat veranderd. Grondexploitaties zijn in veel gevallen geen inkomstenbronnen meer voor de gemeente, maar vormen kostenposten. Als de raad of het college ervoor kiest om risico’s te nemen, en dat doen ze per definitie bij een grondexploitatie, dan is het van belang dat zij weten hoe omgegaan wordt met deze risico’s. De raad heeft immers een kaderstellende rol. Hij bepaalt wat uitgegeven mag worden maar hij moet ook bepalen welke risico’s acceptabel zijn. Wanneer de raad zijn rol als kadersteller en controleur goed wil uitoefenen, is het immers van belang om goed zicht te hebben op de wijze waarop wordt omgegaan met risico’s. De raad moet erop kunnen vertrouwen dat het systeem van risicomanagement op het gebied van grondexploitaties goed is vormgegeven en effectief is.

De vraag die centraal stond in dit onderzoek luidt: “In hoeverre beheerst de gemeente Deventer haar risico’s op het gebied van grondexploitatie en biedt de manier waarop de raad is betrokken bij grondexploitaties voldoende mogelijkheid om invulling te geven aan zijn kaderstellende en controlerende rol?”.

Naar aanleiding van deze vraag concludeert de Rekenkamercommissie dat de gemeente de risico’s binnen grondexploitaties onvoldoende beheerst. En ook dat de wijze waarop informatie wordt verstrekt onvoldoende handvatten biedt om een integraal oordeel te vormen over bestaande risico’s  zodat de raad onvoldoende invulling kan geven aan zijn kaderstellende en controlerende rol. Deze algemene conclusie is gebaseerd op het gegeven dat er veel elementen van het proces van risicobeheersing onvolledig, ongestructureerd en niet consequent worden uitgevoerd. Daarnaast is deze conclusie gebaseerd op de constatering dat de rapportering aan de raad niet conform de door de raad geformuleerde beleidsregels plaatsvindt en dat de rapportering onvolledig, ongestructureerd en niet consequent plaatsvindt. Hierdoor is het voor de raad onmogelijk om adequaat invulling te geven aan zijn rol.

Andere conclusies die de RKC trekt naar aanleiding van het onderzoek zijn:

  • Het risicomanagement binnen de verschillende grondexploitaties wordt als onvoldoende adequaat beoordeeld.
  • Onderzoek naar vier van de 37 projecten is te beperkt om een betrouwbare uitspraak te doen over de totale reserve- en risicopositie van de gemeente.
  • Op de voorgeschreven momenten wordt de raad gerapporteerd over grondexploitaties. Bij belangrijke wijzingen in het project wordt de raad niet of niet altijd betrokken.
  • De raad krijgt onvoldoende informatie aangaande risico’s (al ervaart de raad dat zelf niet zo).

 Aanleiding onderzoek

De aanleiding voor het onderzoek was dat risicomanagement van grondexploitaties voor de raad vaak een complex onderwerp is waarin weinig inzicht bestaat. Door dit onderzoek verwacht de rekenkamer meer inzicht te verschaffen in de wijze waarop risicomanagement inzake grondexploitaties is georganiseerd en hoe het in de praktijk functioneert. Daarmee kan de raad worden geholpen zijn kaderstellende en controlerende taak goed uit te oefenen.

Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.

Spring naar einde van Bijlage-overzicht
Dit is een overzicht van alle bijlagen behorende bij deze pagina.
Titel Grootte
Rapport Risicomanagement Grondexploitaties 9.531,5 KB
Spring naar begin van Bijlage-overzicht